KETELKOEK (BROEDER)
Ketelkoek is een oud-Hollands streekgerecht (17e eeuw) van meel en melk, vaak met krenten en rozijnen, geserveerd met gesmolten boter en warme stroopsaus. Het staat ook bekend als ‘jan-in-de-zak’, ‘boffert’ of ‘broeder’. Hoewel het in heel Nederland voorkomt, wordt het ook gezien als een streeklekkernij uit Zuid-Holland. Voorbereiding: 20 min. Rijstijd: 60 min. Bereiding: ca. 60 min.
Ingrediëntenlijst (deeg)
- 250 gram Lelie’s tarwebloem
- 200 ml melk
- 75 gram blauwe rozijnen
- 75 gram gele rozijnen
- 15 gram gist
- mespuntje zout
- 1 ei
- slaolie
- suikerstroop
- optioneel: sukade of oranjesnippers
Bereiding
- Zeef de bloem in een kom en voeg het zout toe.
- Verwarm de melk lauwwarm en los de gist op in een beetje melk.
- Voeg de gistoplossing en het ei toe aan de bloem.
- Voeg al roerend de rest van de melk toe tot een glad beslag.
- Laat het beslag 1 uur rijzen op een warme plek (afgedekt).
- Was de rozijnen en laat goed uitlekken.
- Meng de rozijnen door het beslag.
- Verhit 1 eetlepel olie in een braadpan (±20 cm).
- Giet het beslag in de pan en bak de onderkant kort op hoog vuur.
- Zet het vuur laag en laat ca. 1 uur garen.
- Controleer met een prikker of de binnenkant gaar is.
- Haal uit de pan, voeg opnieuw olie toe en bak de andere kant goudbruin.
- Verwarm de suikerstroop (eventueel met boter, niet laten koken).
- Snijd in plakken en serveer met warme stroopsaus.


